< Terug  
   
 

Bestuursbulletin Jaargang 6

2003

Maart

Editienr.: 27

Nieuwe Districtsindeling
Als gevolg van een betreurenswaardige vergissing is in het vorige Bestuursbulletin, uitgave januari 2003, niet vermeld de penningmeester van het nieuwe District 1. Daarom hieronder nogmaals het nu complete overzicht van District 1:

District 1

Groningen, Friesland, Drenthe, Overijssel en de Noordoostpolder


Correspondentieadres:

Gijenham 69, 8431 SG OOSTERWOLDE


Voorzitter ad
interim

: H. Tolsma

tel.: 0517-396931,
fax: 0517-382087

Secretaris

: J. Mook

tel./fax: 0516-513128

Penningmeester

: K. Duursma

tel.: 0513-462903

DTC-LG

: P. Niezing

tel.: 0599-235305

DTC-KKG

: W. Harteveld

tel.: 0595-425804

DTC-GKG

: L. van der Velde

tel.: 0512-361685,
fax: 0512-361236

DTC-P

: J. Jonkman

geen telefoonnummer bekend

DTC-HW

: C.L.A. de Rave

tel.: 058-2167677,
fax: 058-2167797

DTC-Kleiduiven

: H.J. Aartsen

tel.: 0599-648525






Inmiddels is in District 2 de DTC-LG benoemd, namelijk: J. Volmeijer, tel. 0418-462245.

In het bestuur van de LTC-Klein Kaliber Geweer en de LTC-Luchtgeweer hebben zich de volgende wijzigingen voorgedaan:

LTC-KKG

Correspondentie-adres:

p/a Torentrans 55, 4336 JN MIDDELBURG


Voorzitter:

R.B.A. Bollee

geen telefoonnummer bekend

Secretaris (met dispensatie DB):

A.J. de Ruiter

tel.: 0118-633926






LTC-LG

Correspondentie-adres:

p/a Waardeel 9, 9531 EA BORGER


Secretaris:

P. Niezing

tel.: 0599-235304

Commissielid:

J. Volmeijer

tel.: 0481-462245





In het volgende Bestuursbulletin zullen wij een volledig overzicht opnemen van de dan door de diverse Districts- ledenvergaderingen benoemde KNSA-bestuurders.

Nieuwe districten, andere cijfers
Regelmatig ontvangen wij correspondentie van bestuurs- leden en andere personen en/of instanties waarin de nieuwe districten worden aangeduid met de Romeinse cijfers I, II, III en IV van de oude districten. Met de nieuwe districtsindeling (vanaf 1 januari 2003) is echter eveneens een andere cijferaanduiding aan deze districten toegekend. De vier nieuwe districten worden aangeduid met de Arabische cijfers 1, 2, 3 en 4. In verband met eventuele onduidelijkheid en het ontstaan van vergissingen hierdoor, vragen wij eenieder hierop attent te zijn en de juiste cijferaanduiding te hanteren.

CIRCULAIRE "BEKRONING KNSA-VERENIGINGEN"

INLEIDING
Nederland is in de afgelopen jaren sterk veranderd. Enerzijds onder invloed van politieke, maatschappelijke en economische ontwikkelingen en anderzijds onder invloed van sociologische en culturele ontwikkelingen. Eén van de gevolgen van deze verandering is dat de positie van schietsportverenigingen en het draagvlak voor de schiet- sport in de meest brede zin van het woord minder natuurlijk en vanzelfsprekend zijn geworden. We hoeven maar even over de grens van Nederland te kijken om te beseffen welke bedreigingen zich ook in ons land kunnen gaan voordoen.

In dit krachtenveld groeit de verantwoordelijkheid van besturen van schietsportverenigingen sterk. De Wet- en de regelgeving, die van toepassing zijn op alle sport- verenigingen en die van schietsportverenigingen in het bijzonder, nemen fors toe. Bovendien is de overheid van mening dat de sportvereniging daarin haar eigen verantwoordelijkheid dient te dragen en daarop ook moet worden afgerekend. Zorgvuldigheid en alertheid zijn derhalve voor schietsport-verenigingen absolute noodzaak. In het bijzonder geldt dat voor de uitvoering van de bepalingen, voortkomend uit de Wet Wapens en Munitie en de daarop van toepassing zijnde uitvoeringsvoorschriften. Maar ook Drank- en Horecawetgeving, het Verenigingenrecht en de Milieuwetgeving stellen hoge eisen aan het besturen van een schietsportvereniging.

Naast de bovenomschreven bestuurlijke aspecten maken de huidige maatschappelijke en politieke ontwikkelingen het ook noodzakelijk dat de schietsporttechnische kwaliteiten van verenigingen verder worden verbeterd. De eisen die bijvoorbeeld aan accommodaties gesteld worden op het gebied van veiligheid worden strenger. Er moet een systeem en structuur worden ontwikkeld die verenigingen bijstaat in de stimulering en het behoud van de schietsportdeelname zowel binnen de vereniging als tussen verenigingen en individuele schutters. Er moet een antwoord worden gevonden op de steeds verder afnemende bereidheid van burgers - sportschutters niet uitgezonderd - om zich als vrijwilliger voor hun vereniging in te zetten, waarbij leden wel steeds hogere eisen aan het aanbod van hun vereniging gaan stellen. Ze worden steeds mondiger en kieskeuriger, jongeren krijgen een steeds breder vrijetijdsaanbod en de concurrentie van commerciële aanbieders speelt verenigingen parten. Het is daarom van belang dat schietsportverenigingen en in het bijzonder de besturen daarvan, al hun activiteiten beleidsmatig onderbouwen, waarbij zij rekening dienen te houden met de maatschappelijke ontwikkelingen zoals de vergrijzing, de uitbreiding van het vrijetijdsaanbod, de bewustwording van veiligheids- en gezondheidsaspecten, enzovoorts.

ONDERSTEUNING VAN VERENIGINGEN
Als gevolg van al deze ontwikkelingen wordt het er voor bestuurders van schietsport-verenigingen niet makkelijker op. Overeenkomstig de uitgangspunten in het Meerjaren-beleidsplan 2001-2004 "Bekroning van Kwaliteit", dient de KNSA in de komende jaren een fundamentele bijdrage te leveren aan kwaliteits- verbetering op alle facetten van de bij de KNSA aangesloten schietsportverenigingen. Zij zal dat doen door het ontwikkelen van een breed en integraal pakket aan verenigingsondersteunende maatregelen. Dit pakket bestaat uit:

  • Sporttechnische opleidingen zoals schietvaardig- heidscursussen en de opleiding Basistrainer en een Basiscursus Wedstrijdorganisatie

  • Verenigingskaderopleidingen, zoals de opleiding tot Veiligheidscommissaris en de opleiding Bestuurskader waarin alle facetten van de kwaliteitscriteria aan de orde komen. Vooral de onderwerpen met betrekking tot Wet- en Regelgeving zijn daarin van groot belang maar ook facetten als Management, Beleids- ontwikkeling, enzovoorts, dienen onderdeel uit te maken van deze Bestuurskadercursus

  • Ondersteuning door vereningingsmentoren; deze mentoren beschikken over een brede deskundigheid om verenigingen bij te kunnen staan in het verbeteren van hun kwaliteit. Hetgeen overigens niet betekent dat deze mentoren over specifieke deskundigheid op verscheidene beleidsterreinen dienen te beschikken, maar wel als tussenpersoon voor het verwerven van die deskundigheid kunnen dienen

  • Verenigings Promotie Ondersteunings Project: VPOP; deze ondersteuning bestaat uit het kosteloos inzetten van een basistrainer die zorgdraagt voor acht introductielessen voor deze nieuwe leden. Uiteindelijk moet de inzet van die basistrainer ertoe leiden dat de vereniging zelf besluit één of meerdere leden deze cursus te laten volgen zodat zijzelf kan voorzien in de opvang van nieuwe leden

  • Certificeringssysteem; een instrument om de eigen kwaliteit door te lichten. Speciaal opgeleide 'Auditeuren' kunnen deze toets bij een vereniging afnemen. In de praktijk blijkt dat verenigingen zich door een certificeringssysteem nog meer bewust worden van hun kwaliteiten en gebreken. Bovendien krijgen zij concrete handreikingen om bepaalde zaken op te pakken.

HET CERTIFICERINGSSYSTEEM
Het “Kronensysteem” is een computergestuurd model waarmee verenigingen een objectief beeld kunnen krijgen van hun functioneren. De vereniging wordt breed doorgelicht aan de hand van vragen over een aantal thema’s. Bij de vraagstelling is er veel aandacht voor de tevredenheid van leden. De antwoorden worden tijdens het gesprek al ingevoerd in de computer. Aan het einde van de sessie kunnen de resultaten meteen bekeken worden. Aanvullend verwerkt de Auditeur (degene die het vraag- gesprek leidt) de resultaten, analyse en aanbevelingen in een verslag en stuurt dit naar de vereniging. Deze bevindingen kunnen in een adviesgesprek met de vereniging besproken worden. Iedere vereniging kan daarbij een vraag om ondersteuning aan de orde stellen. De vereniging wordt een spiegel voorgehouden. Maar dat niet alleen; de evaluatie reikt ook concrete handvatten aan om bepaalde zaken op te pakken.

Het systeem is zodanig opgesteld, dat in gradaties, te weten in één, twee en maximaal drie "kronen" verenigingen kunnen worden gecertificeerd. De laagste criteria voor certificering oftewel het toewijzen van één "kroon" zullen zodanig moeten worden vastgesteld dat het in principe voor iedere schietsportvereniging, ongeacht de grootte van die vereniging en de beschikbaarheid van een accommodatie, alsmede de te beoefenen disciplines, mogelijk moet zijn hieraan te voldoen. Met het toenemen van de kwaliteitseisen en dus ook het toenemen van het aantal toe te wijzen kronen, zal het moeilijker worden aan de desbetreffende eisen te voldoen. Uiteindelijk zal de kwaliteit van die schietsport- verenigingen die over meer kronen beschikken groter zijn dan die van de verenigingen die in het geheel niet over kronen, dan wel over minder kronen, beschikken.

Voor zo ver dat mogelijk is, zal het onlangs door NOC*NSF gelanceerde Integrale Kwaliteit Sport (IKSport) in het KNSA-certificeringssysteem worden geïntegreerd. Het IKSport is een systeem dat is bestemd voor alle sportverenigingen in Nederland en heeft tot doel sport- verenigingen nog meer bewust te maken van hun kwaliteiten en gebreken, en deze met deskundige begeleiding bij te staan bij een verbetering van hun kwaliteit. Het IKSport is een computergestuurd model dat een objectief beeld geeft van het algemeen en sport- specifieke functioneren van een vereniging. Aan de hand van een aantal vragen over zeven verschillende thema's wordt de vereniging breed doorgelicht en wordt bezien wat het niveau van de vereniging op dat moment is. Het systeem is inmiddels operationeel en werkt naar volle tevredenheid van een aantal Nederlandse sportbonden en de bij hen aangesloten verenigingen.

  • "Bijna een jaar geleden is bij ons de audit afgenomen. Daarbij is de vinger gelegd op de zere plekken waar de vereniging ontwikkeling behoeft. Je bent geneigd je energie te richten op de zaken die goed lopen, want daaraan ontleen je je voldoening. Maar door IKSport kom je ertoe om juist op je zwakke punten in te zetten.",

  • "Veel zaken leven onderhuids en daarvan zijn we ons nu wel concreet bewust. Wij hebben bijvoorbeeld vastgesteld dat de betrokkenheid van onze jeugd te gering is. Daar gaan we iets aan doen. We zijn al begonnen met het instellen van een jeugdraad.",

  • "IKSport heeft ons als bestuur wakker geschud. Het werkt heel verhelderend en helpt je als bestuur om in een bepaalde richting te denken. Uit IKSport blijkt dat onze leden heel ontevreden zijn over de accommodatie. Geen verrassing, maar richting de gemeente staan we met dit probleem een stuk sterker. Nu we een met cijfers onderbouwd onderzoek hebben, lijkt het erop dat we de gemeente een stuk gemakkelijker kunnen overtuigen."

Het is van groot belang bij de invoering van het certificeringssysteem doel en middel te onderscheiden. Het systeem wordt opgezet om de bij de KNSA aangesloten verenigingen te ondersteunen bij het bereiken van de zo gewenste kwaliteit.

In deze circulaire wordt een eerste aanzet gegeven tot de opstelling van criteria voor een minimale certificering oftewel de verstrekking van één "kroon". Uitgangspunt is dat deze criteria in de loop van 2003 worden uitgewerkt en met ingang van 1 januari 2004 in werking kunnen treden, waarbij de start van het systeem zal bestaan uit een aantal pilot-projecten met verenigingen. De ervaringen van deze pilots zullen verwerkt worden in de uiteindelijke opzet van het systeem. Pas in de jaren na 2004 zal het certificeringssysteem voor twee en drie "kronen" worden ontwikkeld.

DE BEKRONING
In de uiteindelijke kwaliteitseisen worden die aspecten van het IKSport-model die voor onze sport relevant, nuttig en realistisch zijn geïntegreerd. Het totaal van eisen wordt in een computermodel opgesteld. Een vereniging die voor de bekroning in aanmerking wenst te komen, dient daarvoor met behulp van een daarvoor te ontwikkelen formulier, een aanvraag in te dienen. Deze aanvraag dient reeds vergezeld te gaan van documenten die onderdeel uitmaken van de minimale kwaliteitscriteria. Dat zijn bescheiden zoals: kopieën van de Milieu- vergunning, de Drank- en Horecavergunning, diploma's, enzovoorts.

De criteria voor een bekroning met één "kroon" zijn globaal als volgt:

  • De vereniging dient te voldoen aan de van kracht zijnde toelatingseisen voor het lidmaatschap van de KNSA, conform artikel 7 uit de Statuten en artikel 3 en 4 uit het Huishoudelijk Reglement van de KNSA.

  • De vereniging dient te voldoen aan de eisen die gesteld worden in de Wet Wapens en Munitie en de daarop van toepassing zijnde uitvoeringsvoor- schriften. Het bestuur van de KNSA zal aanvullende eisen stellen die voortkomen uit de bepalingen van de Wet Wapens en Munitie. Deze aanvullende eisen hebben betrekking op een standaard presentie- register, een standaard schietbeurtenregister, een standaardformulier voor de uitgifte van verenigings- wapens, een standaardformulier voor de uitgifte van munitie, richtlijnen voor de uitgifte van verenigings- wapens en richtlijnen voor het invullen van een WM3-formulier.

  • De vereniging dient te voldoen aan de eisen die gesteld worden in de Milieuwetgeving. Dit betekent in de eerste plaats dat aanwezig moet zijn, hetgeen ook wordt gecontroleerd, een Vergunning op de Wet Milieubeheer. Voortkomend uit deze Milieuvergunning wordt controle uitgevoerd ten aanzien van de kogelvanger, de gebruikte munitie, het schietpunt, de bekleding van wanden, enzovoorts.

  • De vereniging dient uiteraard te voldoen aan de Drank- en Horecawetgeving. Ter plaatse wordt gecontroleerd of de Drank- en Horecavergunning aanwezig is en of de op de vergunning vermelde personen beschikken over het daarvoor vereiste diploma Sociale Hygiëne, en ook daadwerkelijk als leidinggevenden actief en aanwezig zijn. Voorts wordt in het kader van de Drank- en Horecawet gecontroleerd of het Bestuursreglement en de Huis- en Gedragsregels inzake alcohol aanwezig zijn. Tenslotte wordt gecontroleerd of degenen die horecawerkzaamheden verrichten, niet zijnde leiding- gevenden, zijn benoemd en als zodanig opgeleid als barvrijwilliger.

  • Er worden eisen gesteld aan de veiligheids- en gezondheidssituatie van de vereniging. Dat betekent onder andere dat voorwaarden worden opgesteld ten aanzien van de aanwezigheid van Baancommandanten en/of Veiligheidscommissarissen tijdens schiet- sportactiviteiten, het ventilatie- systeem, het gebruik van alcohol en zaken ter bevordering van de veiligheid en de gezondheid van de leden en de gasten van de vereniging.

  • Gecontroleerd wordt of de eisen die aan rechts- personen worden gesteld in boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, worden nagekomen en of deze op de juiste wijze in de statuten van de vereniging zijn opgenomen.

  • Er worden eisen gesteld aan het kader van de vereniging. Van belang is dat de vereniging in ieder geval beschikt over minimaal één trainer op Basis- niveau en dat één van de bestuurders een KNSA- Bestuurskadercursus heeft gevolgd.

  • Voor die verenigingen die niet beschikken over een eigen schietsportaccommodatie geldt tevens dat zij een kopie van de Drank- en Horecavergunning alsmede van de Vergunning op de Wet Milieubeheer, dienen te overleggen. Deze dient de vereniging dan aan te vragen bij de eigenaar van de accommodatie; dat kan zijn een vereniging of stichting dan wel een particuliere exploitant.

De criteria voor een bekroning met twee en drie kronen zullen in een later stadium uitgewerkt worden. Globaal zullen de criteria er echter als volgt uit zien:

twee kronen:

  • eisen zoals die zijn bepaald bij één kroon; echter, met hogere criteria;

  • eisen met betrekking tot sporttechnisch en reglementaire voorwaarden voor de accommodatie in kwalitatieve zin;

  • eisen ten aanzien van sportstimuleringsactiviteiten (opvang en behoud van nieuwe leden);

  • eisen ten aanzien van beleidsontwikkeling en in IKSport omschreven thema’s, zoals “strategische planning en marketing management”, “interne en externe communicatie”, “clubsfeer en -cultuur”, “bestuur” en “effectiviteit” .

drie kronen:

  • eisen zoals die zijn bepaald bij één en twee kronen; echter, met hogere criteria;

  • eisen ten aanzien van de kwantitatieve voorzieningen van de accommodatie (aantal schietpunten en disciplines, toegankelijkheid voor gehandicapten);

  • eisen ten aanzien van wedstrijdorganisatie.

PERIODIEKE HERCONTROLE
Onderdeel van het totale certificeringssysteem zal zijn een regelmatige hercontrole van de kwaliteitscriteria. De tijdspanne waarbinnen deze hercontrole dient plaats te vinden dient nog nader bepaald te worden. Te denken daarbij valt aan een hercontrole na twee à drie jaar.

DE AUDITEUR
Zoals reeds in de inleiding gememoreerd, is het cruciaal dat verenigingen worden ondersteund bij de inwerkingtreding van het certificeringssysteem en de uiteindelijke bekroning van KNSA-verenigingen. Een deel van die ondersteuning bestaat uit de opleiding voor diegene die uiteindelijk de vereniging aan de kwaliteits- criteria onderwerpt en de vereniging daarin begeleidt. Daarvoor dienen te worden opgeleid zogenaamde "Auditeurs". Omwille van objectiviteit en neutraliteit kan een “Auditeur” de vereniging die hij begeleidt in het certificeringproces niet zelf beoordelen. Deze Auditeurs dienen te beschikken over verschillende kwalificaties. Deze kwalificaties zijn als volgt samen te vatten:

  1. Een Auditeur dient te beschikken over goede communicatieve en contactuele eigenschappen.

  2. Een Auditeur dient een groot aantal verenigingen uit het District te kennen.

  3. Een Auditeur dient vertrouwen uit te stralen en integer te zijn in verband met de vertrouwelijke informatie die hij/zij krijgt.

  4. Een Auditeur dient beleidsmatige ervaring te hebben.

  5. Een Auditeur dient analytische vaardigheden te hebben.

  6. Een Auditeur dient een verenigingsanalyse om te kunnen zetten in een aanbeveling, dan wel een voorstel voor een beleidsplan.

  7. Een Auditeur dient een presentatie te kunnen houden.

  8. Een Auditeur dient het Bondsbureau, het personeel en hun kwalificaties te kennen, waardoor hij verenigingen met specifieke vragen kan doorverwijzen.

De inhoud van de opleiding bestaat uit de volgende onderdelen:

  1. Communicatieve vaardigheden

  2. Maken van Beleidsplannen

  3. Presenteren

  4. Organisatiestructuren

  5. Rapporteren

BEKRONING IN STAPPEN
Zoals gezegd zal de controle onder zorgvuldige en nauwkeurige begeleiding dienen plaats te vinden. De controle mag niet bestaan uit een simpele toetsing met vervolgens een kille uitslag als zijnde "goedgekeurd" of "afgekeurd". Nee, de controle zal moeten plaatsvinden in stappen die er uiteindelijk toe moeten leiden dat een vereniging die een aanvraag voor bekroning indient, maximaal wordt ondersteund om ook aan de gewenste criteria te kunnen voldoen.

Stappen:

  1. Eerst vindt een pré-toetsing plaats. Dit betekent dat bij de aanvraag reeds bescheiden moeten worden meegezonden en vragen worden gesteld, op grond waarvan een eerste toetsing kan plaatsvinden.

  2. Na de indiening van de aanvraag voorzien van bijlagen, vindt een voorlopige beoordeling plaats alsmede een advies indien nodig, om aan de minimale criteria voor een definitieve toetsing te voldoen. Indien nodig wordt de desbetreffende vereniging daarbij door een Auditeur begeleid.

  3. Er vindt een definitieve toetsing ter plaatse plaats door de daarvoor opgeleide Auditeur.

  4. De definitieve beoordeling vindt plaats door het Dagelijks Bestuur van de KNSA. Deze definitieve beoordeling geschiedt op voorstel van de Auditeur en is voorzien van een advies en een mogelijk noodzakelijk begeleidingstraject.

  5. Indien de definitieve beoordeling positief is, vindt uiteindelijk de bekroning plaats door één van de leden van het bestuur van de KNSA, waarbij aan de vereniging een certificaat en bijbehorend goedkeuringsschild wordt uitgereikt.

Teruggaveregeling Ecotaks 2002
Het Ministerie van VWS heeft ons meegedeeld dat over de periode 2002 wederom de teruggaveregeling voor ecotaks van kracht zal zijn. Het gaat hier om een regeling waarbij (schiet)sportverenigingen de energiebelasting op hun rekening voor gas en elektra, kunnen terugvorderen via de landelijke sportbond, in dit geval de KNSA. Het Ministerie heeft bepaald dat alleen bij de sportbond (KNSA) aangesloten (schiet)sportverenigingen en stichtingen die onder deze vier mogelijkheden vallen, in aanmerking komen voor een teruggaafregeling. Van belang voor de bewijsvoering van betaalde ecotaks is dat de (schiet)sportvereniging of stichting met een eigen verbruiksadres bij het energiebedrijf staat geregistreerd en om die reden de periodieke energienota en de einde- verbruiksjaar-nota van zowel elektra als gas direct ontvangt.

Aangezien de tarieven van de energieheffing ten opzichte van de periode 2000/2001 weer zijn gestegen, brengen wij u deze mogelijkheid tot teruggave wederom nadrukkelijk onder de aandacht. In tegenstelling tot de voor- gaande drie jaar zal er geen volledige teruggaaf van de werkelijk door de schietsportvereniging betaalde ecotaks meer mogelijk zijn. Tot welk percentage nog wel teruggaaf mogelijk is, hangt af van de omvang van de aanspraak die wordt gedaan op deze regeling.

Meer nog dan in de voorgaande jaren is het van belang dat u als vereniging aangeeft op de in te dienen energiefacturen wat de bedragen van de betaalde ecotaks zijn geweest.

Voor de regeling teruggave ecotaks 2002 geldt het volgende:

De energieheffing (ecotaks) gaat altijd in combinatie en gelijktijdig met de betaling van de energiekosten. Het begrip "ecotaks" komt slechts sporadisch op de factuur voor. Veel gebruikte omschrijvingen hiervoor zijn:

  • regulerende energiebelasting

  • reg. energiebelasting/reg. energieheffing

  • (wet) REB

  • energieheffing

  • EB-E (= energiebelasting elektra)

  • rijksenergieheffing

Welke schietsportverenigingen komen in aannmerking voor teruggaaf van betaalde ecotaks:

  • Alleen schietsportverenigingen die zijn aangesloten en als zodanig zijn geregistreerd bij landelijk sport- organisaties of koepelorganisaties, die op hun beurt lid zijn van NOC*NSF;

  • Alleen aangesloten schietsportverenigingen die een aan hun geadresseerde en op hun naam gestelde eindafrekening van een energiebedrijf kunnen overleggen (dit is de factuur die het energiebedrijf opmaakt na afloop van de verbruiksperiode waarover de afrekening plaatsvindt).

Welke schietsportverenigingen komen niet in aanmerking voor de teruggaafregeling:

  • Schietsportverenigingen die (periodiek, regelmatig, wekelijks) ruimte huren van derden (gemeenten, gemeentelijke diensten, commerciële aanbieders) voor de schietsportbeoefening (training, wedstrijd) tegen een door deze verhuurder vastgesteld tarief/ huursom en die geen aan hun geadresseerde en op hun naam gestelde eindafrekening van een energiebedrijf kunnen overleggen.

In toenemende mate stellen gemeentelijke diensten autonoom of op verzoek van de schietsportvereniging of de lokale sportraad, vast dat in de (h)uurtarieven ook een component energieheffing is opgenomen. Behalve dat deze wijze van vaststellen arbitrair is en bijna per gemeente een eigen handelwijze en wijze van berekening wordt gehanteerd, in tegenstelling tot de landelijke tarieven van de energieheffing, voldoet deze opgave niet aan de andere criteria.

Voor welke schietsportverenigingen wordt hiervoor een uitzondering gemaakt:

Veelal is de gemeente of de desbetreffende gemeentelijke dienst het verbruiksadres voor het energiebedrijf en ontvangt daarom per (schiet)sport- complex of (schiet)- sportaccommodatie de desbetreffende energierekening. De energiekosten worden na ontvangst van de daadwerkelijk (hoofd)- gebruiker(s) van de onroerende zaak doorberekend (fiscale indicatie voor hoofdgebruik is minimaal 70%), hetzij gebaseerd op de stand van tussenmeters op het sportcomplex, hetzij op basis van een contractueel vastgelegde verdeelsleutel van het energieverbruik en de met dit verbruik samenhangende energiekosten (waaronder de ecotaks).

  • Indien de schietsportvereniging bij haar declaratie aan de landelijke sportorganisatie (KNSA) de bewijzen kan overleggen waaruit blijkt dat zij op deze wijze energiekosten en energiebelasting heeft betaald, komt zij ook voor teruggaaf in aanmerking. Ook in dit geval onder duidelijke overlegging van deugdelijke bewijsvoering van de door haar betaalde ecotaks.

  • Deze handelwijze is van overeenkomstige toepassing indien het beheer en de exploitatie van de schiet- sportaccommodatie/het schietsportcomplex in handen is van een (beheers)stichting waarvan één of meerdere schietsportverenigingen deel uitmaken. Veelal is de desbetreffende stichting namelijk niet aangesloten bij een sportorganisatie, maar de gebruikers van het gebouw/sportaccommodatie wel.

De facturering of het verzoek tot betaling kan bij (schiet)sportverenigingen dus op vier manieren plaatsvinden. Dit hangt af van de eigen situatie van de (schiet)sportvereniging:

  1. Direct door een op naam van de vereniging gestelde factuur van het energiebedrijf;

  2. Indirect op indicatie van de gemeente en op basis van een door de gemeente of gemeentelijke dienst contractueel vastgestelde en vastgelegde verdeelsleutel voor energieverbruik.

  3. Een variant op 1; de (schiet)sportvereniging maakt deel uit van een beheers- of exploitatiestichting die door het energiebedrijf wordt gefactureerd en die door deze stichting wordt doorbelast voor de gemaakte energiekosten conform een schriftelijk vastgelegde afspraak.

  4. Ook Stichtingen, indien deze lid zijn van de sport- bond (KNSA), kunnen een verzoek om teruggaaf doen. In dat geval kunnen uiteraard de (schiet)- sportverenigingen die eventueel bij een desbetreffende stichting huren, conform punt 3, geen verzoek om teruggaaf doen.

Alhoewel er op de factuur van het waterleidingbedrijf sprake is van waterbelasting, valt dit niet onder de noemer van regulerende energiebelasting; deze waterbelasting blijft buiten beschouwing van de teruggaafregeling van betaalde ecotaks. Het is dus niet nodig en ook niet gewenst dat de factuur van het waterleidingbedrijf door de schietvereniging wordt opgestuurd.

Overleggen van documenten:Indien u valt onder de categorie 1 dienen wij te beschikken over de volgende gegevens:

  • Een goed leesbare kopie van het orgineel van de op de naam van de schietsportvereniging gestelde factuur van het energiebedrijf met als einddatum van de gebruiksperiode een datum die in 2002 ligt
    (= gelijk of later dan 1 januari 2002 en gelijk of eerder dan 31 december 2002) en een begindatum die maximaal 12 maanden aaneengesloten daarvoor ligt.

  • Verenigingen die grootverbruiker zijn en een grootverbruikerscontract hebben met het energiebedrijf, ontvangen doorgaans geen eindafrekening, maar krijgen periodiek (meestal maandelijks) een factuur met het afgenomen vermogen. In dat geval dienen de (maand)facturen die gezamenlijk een periode van 12 aaneengesloten maanden vormen (doorgaans 12 facturen), waarbij de laatste factuur een maand in 2002 moet zijn, te worden overgelegd.

Indien u valt onder categorie 2 dienen wij te beschikken over de volgende gegevens:

  • Een kopie van de brief van de gemeente of de (beheers)stichting, waaruit blijkt dat de doorberekening van energiekosten is gebaseerd op een contractueel vastgelegde toerekening of verdeelsleutel. Indien een en ander door de gemeente wordt verstrekt, dient tevens een kopie van de desbetreffende factuur van het energiebedrijf te worden overgelegd.

Indien u valt onder de categorie 3 dienen wij te beschikken over de volgende gegevens:

  • Een kopie van de inschrijving bij de Kamer van Koophandel van de beheer-/ exploitatiestichting waarin u als (mede)gebruiker van de onroerende zaak deelneemt of op andere wijze bij betrokken bent.

  • Een goed leesbare kopie van de jaarnota van het energiebedrijf over het laatste verbruikjaar (het eind van de verbruikperiode moet een datum in 2002 aangeven). Deze nota moet op naam zijn gesteld van de desbetreffende beheer-/exploitatiestichting en corresponderen met de meegestuurde inschrijving van de Kamer van Koophandel.

  • Een schriftelijke (en gewaarmerkte) overeenkomst waarin is verwoord welk deel van de energielasten en daarmee samenhangende ecotaks voor uw rekening komt (doorbelasting).

Indien u valt onder de categorie 4 dienen wij te beschikken over de volgende gegevens:

  • Een goed leesbare kopie van de jaarnota('s) van het energiebedrijf over het laatste verbruikjaar (het eind van de verbruikperiode moet een datum in 2002 aangeven) of indien de stichting grootverbruiker is, de (maand)facturen die over een aaneengesloten periode samen een jaar vormen (doorgaans 12 facturen), waarbij de laatste factuur een einddatum in 2002 heeft.

Energiekosten en regulerende energiebelasting ANDERS dan door levering van een energiebedrijf:

  • Soms wordt op kleine schaal energie gebruikt die niet wordt geleverd door een energiebedrijf, maar door gebruik van halfzware olie, gasolie en vloeibaar gemaakt petroleumgas (LPG). In de aanschafprijs van deze energiedragers zit een toeslag ingevolge de Wbm. Deze toeslag is te vergelijken met ecotaks en de betaling ervan komt in beginsel voor teruggaaf in aanmerking. De schietsportvereniging dient hiertoe eveneens de op haar naam gestelde en leesbaar gedateerde factuur van de desbetreffende levering van de leverancier te overleggen, in combinatie met het bewijs van betaling van deze factuur. De factuur dient het aantal liters te vermelden of het aantal kilogrammen. Voor halfzware olie en gasolie is de ecotakstoeslag een vast bedrag per 1.000 liter en voor LPG een vast bedrag per 1.000 kg.

Behalve bovengenoemde situaties komt het ook voor dat (schiet)sportverenigingen op contractbasis voor een aantal uur een (ruimte in een) sportaccommodatie of sportcomplex huren voor trainingen en/of wedstrijden. Deze situatie komt niet voor teruggaaf in aanmerking. Enerzijds omdat er geen op naam van de vereniging gestelde factuur is van het energiebedrijf, anderzijds omdat de (schiet)sportvereniging niet de hoofdgebruiker is.

De afhandeling door het Bondsbureau:
Als bijlage treft u een formulier aan voor het opgeven van de betaalde ecotaks over 2002. Wij verzoeken u dit overzicht in te vullen, en dit tezamen met de van toepassing zijnde bescheiden, aan ons bureau te Amersfoort toe te zenden.

Deze gegevens, waaruit duidelijk blijkt wat het energieverbruik (elektra en gas) is geweest, wat de kosten waren en welk bedrag aan energieheffing (ecotaks) is betaald, worden door het Bondsbureau verzameld, geregistreerd en tot slot gedeclareerd bij het Ministerie. Op basis hiervan neemt het Ministerie het besluit tot welk percentage teruggaaf zal plaatsvinden.

Het te verkrijgen bedrag is de inspanning waard. Wij vragen dus aan u alle medewerking. Van ons kunt u dan verwachten dat wij zorgen voor een voorspoedige afhandeling met het Ministerie van VWS.

De uiterste inleverdatum van de complete gegevens bij het Bondsbureau is gesteld op:

15 mei 2003

Aan schietsportverenigingen en stichtingen, die nadien de gegevens inleveren kunnen wij niet garanderen dat die in onze opgave aan VWS kunnen worden opgenomen.

Houd Nederland schoon en de Ecokit
Voor 9 van de 10 mensen is zwerfafval op straat de grootste ergernis. Ook op het sportveld. Snoepwikkels, patatbakjes, flesje, kauwgom, sigarettenpeuken, blikjes, kranten, allemaal dragen ze bij aan een onprettig, soms verloederd straatbeeld. Vreemd is echter dat bijna iedereen zich er wel eens schuldig aan maakt. En al die kleine beetjes leiden tot het resultaat dat we kennen. Als dat beeld ons niet aan staat, zullen we er dus ook met zijn allen wat aan moeten doen. Stichting Nederland Schoon is de organisatie die andere partijen helpt om iets te doen.

In de lijst met plaatsen waar vaak en veel zwerfafval wordt aangetroffen, staan dus ook sportvelden (naast overigens scholen, parkeerplaatsen, stationsomgevingen, snackbare stranden etcetera). Daarom heeft Nederland Schoon samen met NOC*NSF en het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB) het initiatief genomen om het onderwerp zwerfafval ook bij sportclubs op de kaart te zetten. Met twee sportbonden (KNHB en KNVB) starten er zelfs speciale pilot-projecten om ook daadwerkelijk iets aan het probleem te doen.

Voor alle sporten en sportclubs met een eigen accommodatie is door bovengenoemde partijen de bijgevoegde poster ontwikkeld. De poster is ook aan de nog resterende ecokits toegevoegd. Met behulp van de ecokit kunnen sportverenigingen nu niet alleen energie, water en geld besparen, maar ook zorgen voor minder zwerfafval rondom de sportaccommodatie. We hopen dat de poster de sporters aanspreekt, niet alleen op het veld en in de kantine, maar ook op weg er naar toe. Een poster verandert het ongewenst gedrag natuurlijk niet één-twee-drie, maar kan wel een goede aanleiding zijn, om elkaar in de vertrouwde omgeving aan te moedigen er geen rommel van te maken.

Zwerfafval veroorzaken geeft veel onnodig extra werk voor de beheerder. Als sportbond ondersteunen we deze actie. We willen de sporters oproepen zich ook naar de beheerder sportief te gedragen en ‘t met hetzelfde gemak, in de afvalbak te gooien.

Wij hopen dat u als schietsportvereniging de actie onder de aandacht van uw leden wilt brengen. Wij wijzen u erop dat de volgende, intensieve (billboard) campagne van Nederland Schoon in maart 2003 verwacht wordt. De poster vóór die tijd ophangen, zal een optimale versterking van boodschap geven. Geef de poster een opvallende plaats in uw accommodatie en help Nederland schoon te houden!

Voor meer informatie:
Ecokit: NISB, 026-4833800
Stichting Nederland Schoon: 070-3042080

Sport- en Vrijwilligerskrant NOC*NSF
Als bijlage treft u de editie 2003 aan van de Sport- en Vrijwilligerskrant